Chris’ USA Tour 2006/2007


21-09-06: Het begin van de reis en amerikaanse gastvrijheid
september 26, 2006, 8:59 PM'
Ingedeeld onder: __Nederlands

Na mijn nacht in het Chelsea International Hostel was het tijd echt op mijn fiets te stappen en de eerste trip te gaan maken. Wat ik op dat moment nog niet wist is dat ik diezelfde dag nog kennis zou gaan maken met de onvoorstelbare gastvrijheid die, of mij een enorme geluksvogel maakte, of veel Amerikanen zal kenmerken die ik op mijn reis zal ontmoeten. Op dat moment had ik echter nog geen idee en was ik al blij dat ik wist hoe ik moest rijden totaan mijn heerlijk motel in Jersey city. Vanaf daar werd het allemaal wat moeilijker. De richting waar ik naartoe wilde was precies de richting die enkele rivieren graag wilde kruisen en de bruggen die over deze rivieren heen waren gebouwd waren vooral, en voor zover ik kon inschatten alleen maar, aangelegd voor snelwegen. Hoewel ik echt niet van plan was (echt niet, echt niet, echt niet!) om over een van deze snelwegen heen te fietsen ben ik er een soort van ingelokt. Nadat ik hele stukken was omgefietst, in de hoop een oversteek tegen te komen die niet zo gevaarlijk was, kwam ik bij een brug aan waar slechts een baan zich omhoogkrulde de brug op. Dit zag inderdaad niet al te gevaarlijk uit dus ik besloot te wachten tot ik geen auto’s meer achter mij zag en fietste de brug op. Maar op het moment dat ik bijna boven ben hoor ik ineens meer auto’s, veel meer auto’s en wanneer ik helemaal bovenop de brug ben aanbeland blijkt dit geen eenbaans, maar een vierbaans snelweg en auto’s en trucks vliegen met het geluid van een goede rockband voorbij. In plaats van stil te vallen en besluiten terug te fietsen voel ik dat mijn voeten als gekken de pedalen rondtrappen en voor ik weet ben ik op ongeveer eenderde van de brug en vlak daarna op de helft en ik denk, het valt best mij, de trucks maken niet zoveel wind als ik had verwacht. Pas als ik bijna bij het einde ben merk ik op dat ik een hele baan voor mijzelf heb en dat al het verkeer al ruim van tevoren een baan naar binnen is opgeschoven. Wanneer ik beneden ben blijkt dit nog niet het einde en pas een kwartier later kom ik aan bij een wat rustigere weg en zie ik een benzinestation waar ik een met een heerlijk flesje cola in mijn hand even van de schrik kan bekomen. Gelukkig kwam ik niet lang hierna borden tegen waarop werd gewaarschuwd voor ‘de mensch op de fiets’.

Dan rijd ik langzaam het volgende probleem tegemoet. De zonsondergang. Omdat ik zover moest omrijden werd het al donker lang voor ik bij mijn camping aangekomen was. Toen ook mijn batterijen van mijn voorlicht begonnen op te raken besloot ik wat meer naar de huizen te gaan kijken om te zien of het mogelijk zou zijn bij iemand in de tuin mijn tent op te zetten. Nog geen minuut later zie ik iemand bezig tegels te leggen bij zijn garage en besluit een gok te wagen. De man begrijpt in eerste instantie niet wat het probleem is. Waarom rijd ik niet gewoon dat laatste stukje naar de campground, tot hij ziet dat ik met de fiets ben. Hij ging ervan uit dat ik met bike, motorbike bedoelde, niet dat ik met de fiets was. ‘Are you serious?’, is het enige dat hij in eerste instantie vraagt terwijl hij vol ongeloof naar mijn volgepakte fiets staart, ‘Are you serious?’. En ik zeg hem met een kleine glimlach rond mijn mond ‘Yeah, I’m serious’. Na een pauze van een paar seconden zegt ie dat het wat hem betreft geen probleem is, maar dat ie even aan zijn vrouw wil vragen wat zij ervan vindt. En of ik intussen wat te drinken lust. Een halve minuut later komt hij uit de garage met drie flesjes water en een flesje Gatorade. Dan stapt hij het huis binnen om met zijn vrouw te overleggen en komt even later terug met een aanbod. Of ik in plaats van mijn tent in de tuin niet liever in een hotel zou willen slapen, op hun kosten? Een halve seconde voel ik hevige interne twijfel of ik zo’n aanbod wel aan mag nemen, maar bijna tegelijk besef ik dat beleefdheid in dit stadium geen oplossing en eeuwige spijt zou betekenen, dus ik neem het aanbod, nog steeds met open mond aan. Als dan ook nog blijkt dat een prachtig hotel is met een heerlijk bed & bad, voel ik me helemaal in de zevende hemel. Het was alleen te laat om nog aan te kunnen schuiven bij het diner. Gelukkig heb ik nog een stuk stokbrood en een halve pot pindakaas, dus ik hoef niet met een lege maag het heerlijk warme bad in. 

De volgende morgen fiets ik weer langs het huis van William Monangai, zo heet de barmhartige Samaritaan en bedank hem nog een keer hartelijk voor ik verder fiets naar mijn camping. Een kilometer vijf voor de camping kruis ik een fietser die vraagt waar ik heen ga. Nadat ik heb gezegd, de camping vijf kilometer verderop, biedt hij een slaapplek in zijn huis aan. Dat zou gratis zijn en een lekkerder bed hebben. Maar niets voor niets natuurlijk en in dit geval betekende dat dat het huis aan het einde van deze weg lag, een weg die behoorlijk steil omhoog ging voor ik weet niet hoeveel meter. En tsjongejonge, hijg ik uit als we een klein uur later bij het huis aankomen, dat bed moet wel heel erg zacht zijn! Ondertussen ben ik al voorgesteld bij goede vrienden van Peter Wester, inderdaad de man waar ik ook mijn vorige update heb geschreven en heb ik het huis gezien dat hij van plan is te verruilen voor zijn eigen huis. Het feit dat ik uit de koelkast mocht pakken wat ik maar lustte heeft mij een kijkje in de hemel gegeven van al het lekkers dat Amerika te bieden heeft. En dat is veel. Chocoladijs van Maggiemoo’s, verse salades uit bij King’s ‘Super!’ supermarket vandaan, vers fruit zo lekker dat zelfs ik het niet kan laten staan en gallons Tropicana sinaasappelsap. Maar belangrijker nog, hier heb ik van de computer gebruik mogen maken, zodat ik mijn reisverslagen kon bijwerken. Omdat ik een beetje grieperig begon te worden adviseerde hij wat rust te nemen en dat heb ik dus ook gedaan. Maar morgen ga ik echt vertrekken, want hoewel het hier luxer is dan ik tijdens mijn verdere reis ooit nog durf te verwachten moeten er toch eerst kilometers worden gemaakt voor ik echt het idee heb bezig te zijn met de fietstrektocht waar ik aan begonnen ben.



18-09-06: Een bezoek aan Manhattan
september 21, 2006, 11:32 PM'
Ingedeeld onder: __Nederlands

Op dit moment ben ik een paar dagen te gast bij Peter Wester. We passeerden elkaar op de fiets een kilometer of vijf van zijn huis en hij nodigde mij uit bij hem te blijven slapen. Maar over het onderwerp gastvrijheid zo dadelijk meer. Laat ik eerst beginnen bij het begin en dat is in dit geval de ochtend dat ik wakker werd in het Aroma Motel en zag dat het buiten flink aan het regenen was. Maar een beetje regen zou me natuurlijk niet weerhouden van mijn eerste echte bezoek aan New York City. Zelfs een loeiende tornado zou me niet in dit motel opgesloten kunnen houden, maar dat terzijde. Dus ik trok mijn schoenen en regenpak aan en ging op zoek naar een bus met DE stad als eindbestemming en twintig minuten later stond ik met een nat regenpak tussen de forenzen in hun net gestreken katoenen pakken de boel een beetje nat te maken. Hoe al deze mensen redelijk droog hadden weten te blijven was mij een raadsel, maar niet echt een interessant raadsel, dus besloot ik over de schouder van de buschauffeur mee te kijken tot we bij de eindbestemming aan zouden komen. Bij elke bocht die we namen leken meer bussen zich bij elkaar aan te sluiten en op het moment dat we de Lincoln tunnel ingingen waren er alleen nog maar bussen die achter andere bussen aanreden. De enorme busterminal aan het einde van de rit was dan ook geen verrassing. Het gebrek aan aanwijzingen over welke bus te nemen voor de terugweg wel, maar daarover dacht ik bij het uitstappen nog niet na.

In Manhatten aangekomen loop ik tunneltje door, trapje af, halletje door, trapje op, halletje door, tunneltje door, trapje af uiteindelijk naar buiten en krijg direct de gratis krant aangeboden. Ik stop hem in mijn rugtas voor later bij een kopje koffie en kijk dan voor het eerst naar de wijk Manhattan. ‘That’s something isn’t it?’ hoor ik een onzichtbaar iemand in mijn oor fluisteren. En inderdaad, this is something, a whole lot of something! En het vreemde is, het voelde niet alsof ik voor de eerste keer Manhattan inkeek. Het voelde als een soort van déjà vu. Nadat ik een paar straten was doorgelopen en rook uit de putten zag komen wist ik ineens, dit is natuurlijk ook een déjà vu. Al die films die hier zijn opgenomen en die ik heb gezien, al die series en al het nieuws dat ook bij ons is uitgezonden. Dit is niet de eerste keer dat ik dit zie. Dit heb ik misschien al honderd keer gezien. Eigenlijk liep ik hier over het toneel van ik weet niet hoeveel filmsets. En al die straatnamen die ik kende gaven mij het gevoel alsof ik hier al jaren woonde. Na een half uur werd zelfs mijn manier van lopen erdoor beinvloed. Het werd langzaam aan de loop van iemand die rechtdoor loopt omdat hij dat van plan is. De loop van iemand die rechtsafslaat omdat hij rechtsaf moet slaan, niet omdat hij toevallig die precieze straat inloopt maar net zo goed linksaf had kunnen slaan. De loop van iemand die slechts verbaasd constateert dat hij een beetje heeft lopen dromen en ineens op Wallstreet voor de New York Stock Exchange staat om vervolgens met een zelfverzekerde draai heel cool de metro richting downtown in te stappen, terwijl hij eigenlijk de metro uptown richting Central Park wilde hebben.

Daar lag namelijk het hostel in de buurt dat ik wilde verruilen voor het Aroma Motel. Gelukkig bleken ze daar nog genoeg bedden vrij te hebben en moest ik dus alleen nog even terug om mijn fiets op te halen die ik had laten staan toen ik vanochtend hierheen kwam. De wandeling terug naar de busterminal was eenvoudig. Omdat ik bij Central Park was uitgestapt kwam ik er tijdens de wandeling naar het hostal langs en was het dus alleen maar een kwestie van teruglopen. Het vinden van de juiste bus, zoals gezegd, was dat niet. Ik kon in ieder geval geen enorme borden met enorm veel aanwijzingen vinden die ik had verwacht in dit enorme gebouw. Dan maar lukraak een paar trappen oplopen en kijken wat er op de kleine bordjes naast elke afzonderlijke bushalte stond. Bij de derde bushalte hab ik geluk. Hier stonden drie mensen met emblemen op hun uniforms waarop stond dat ze in dit gebouw, The Port Authority Bus Terminal, werkten. De eerste man deed me denken aan Elmo. Dat is niet helemaal uit de lucht gegrepen, want in de gratis krant die ik bij aankomst kreeg aangeboden had ik een artikel gelezen over de Elmer TMF (Tickel Me Fancy) beer, vergelijkbaar met de Furby, waarvan de jubileumversie Elmer TMX (Tickle Me Extreme) gaat heten. Deze versie is echter in het diepste geheim gemaakt, dus niemand weet waar ‘Extreme’ voor zal staan. En deze man deed mij aan Elmo denken, hij was ook harig en groot en keek ook niet al te snugger uit zijn ogen, misschien was hij zelfs gebruikt in een van de focusgroepen tijdens de ontwikkeling van deze nieuwe beer. Dus ik tik hem zachtjes op zijn schouder en verwacht dezelfde open vriendelijke en ietwat sullige lach van Elmo, maar als reactie op mijn beleefde schoudertikje krijg ik een draai van het harige lichaam in slow motion, waarna een blik volgt die mij deed hopen voor alle kinderen in Noord Amerika dat deze man niet aan de focusgroepen heeft meegedaan. Een beertje dat zodra je hem in zijn schouder knijpt zijn ogen groot en boos opzet en op onderkoelde toon ‘Touch me again and you’re dead!’ zegt, dat zou wel een heel ziek beertje zijn, al zou dat de X in extreme natuurlijk wel weer heel goed verklaren. Deze man wilde mij schijnbaar NIET! helpen dus stel ik vriendelijk dezelfde vraag aan de man in uniform achter hem en even vriendelijk krijg ik te horen dat ik hier helemaal verkeerd sta. Uiteindelijk vond ik de bus en het motel, pakte mijn fiets en nam de veerpont terug waarna ik even later de poort van het Chelsea International Hostel binnenfietste. Ik bracht mijn spullen naar mijn kamer en ging weer verder met mijn wandeling als een regular New Yorker zonder enig gevoel voor richting. Want of ik nu goed liep of niet, het gevoel hier te lopen alsof ik hier hoorde te zijn was heerlijk, ongeacht de vele verspilde stappen over de stoepen van Manhattan.

Tijdens deze wandeling bevond ik me s’avonds ineens in de buurt van de Empire State Building. Nu had ik over The Empire State Building gelezen dat je het observatieplatform ook ‘s avonds kon bezoeken en de gedachte deze stad bij avondlicht te bekijken leek me nog mooier dan overdag dus besloot ik naar binnen te gaan, een kaartje te kopen en te genieten van het uitzicht dat mij zou worden geboden.

De foto’s geven denk ik wel aan hoe prachtig dit uitzicht werkelijk was. Na nog een late night coffee in een Starbucks en een paar biertjes terug in het hostel met een stuk of tien andere toeristen besloot ik een beetje draaierig mijn bed weer op te zoeken om mij op te laden voor mijn eerste echte fietstocht.



18-09-06: Visiting Manhattan
september 21, 2006, 9:28 PM'
Ingedeeld onder: __English

At this moment I’m a guest for a few days in Peter Wester’s house. We passed each other on the bicycle about 5 kilometers from his house and he invited me to sleep over at his place. But more (a whole lot more!) on the subject of hospitality in the next update. Let me first start at the beginning and in this case that is on the morning I woke up in the Aroma Motel en noticed that outside it was raining heavily. But I wouldn’t just a little bit of rain keep me from my first real visit to New York City. Besides, even a blistering tornado couldn’t have kept me inside this motel. So I put on my shoes and rain suit and went looking for the bus with THE city as final destination. Twenty minutes later I was standing in the middle of a bus of commuters in their neatly pressed cotton suits and I guess I was messing up their suits a little with the water that was falling from my suit. How these people had managed to stay reasonably dry was a mystery to me, but not a very exciting one, so I decided to look over the shoulder of the chauffeur and look a bit about the traffic until we got to Manhatten. At every corner the bus took, it looked as if more buses were joining up with each other and by the time we entered the Lincoln tunnel we were only one in a long line of buses. So, the bus terminal at the end of the ride was not much of a surprise. The lack of directions on which bus to take for the return ride was, but I didn’t think about that when getting out of the bus.

When I arrived in Manhatten I had to walk through a tunnel, down a staircase, through a tunnel, up a staircase, through a tunnel, down a staircase to finally meet the outside world and immediately I got offered a free paper. I put it away in my rucksack to save it for later and finally lay my eyes on Manhattan for the first day in my life. ‘That’s something isn’t it?’ I hear an invisible person whispering in my ear. And yes, this is something, a whole lot of something! But the strange thing was, it didn’t feel like this was the first time I’ve laid my eyes on Manhattan. It felt like a some kind of déjà vu. After I’ve walked a few blocks and noticed smoke coming out of the manholes I finally knew. Of course this doesn’t just feel like a déjà vu, it really is one. All those films that have been shot here and that I’ve seen, all the series and al the news that has also been broadcasted back in the Netherlands. This isn’t the first time I see this. Maybe I’ve seen it a hundred times. I was actually walking on the stages of I don’t know how many film sets. And all the names of the streets I knew gave me the feeling that I had been living here for years. After about half an hour my way of walking got even influenced by this idea. Slowly it became the walk of a person who walks straight ahead because that is where he wants to go. It became the walk of a person who takes a right turn because he needs to, not just because he walks inside that excact street while he just as well could have turned left. It was the walk of someone who only notices in surprise that his mind has been wandering off and faces himself standing on Wall Street in front of the New York Stock Exchange, wherupon he (because he has no business to attend to at the New York Stock Exchange) self-confidently turns to the subway headed downtown, while he should have been taking the one uptown towards Central Park.

Because that is the place where I would find the Chelsea International Hostel that I was planning to change the Aroma Motel for. Luckily they hadn’t run out of beds so I only needed to get back to the motel to collect my bike that I kept there when I came to Manhattan this morning. The walk back to the bus terminal was easy. Because I got out of the subway at Central Park I passed it on my way to the hostal so I only needed to walk the same way back. Finding the right bus however, like I said, was not. I couldn’t find any enormous information boards full of huge amounts of directions I expected to find in this building. So I guessed there was nothing else to do than haphazerdly walking up random stairs and see what information I could find on the small boards next to each separate bus stop. When I came to the third bus stop I had a bit of luck. Here were three people with emblems on their uniforms indicating that they worked inside The Port Authority Bus Terminal. The first man made me think of Elmo. This wasn’t completely coincidental, since I read an article in the paper I’d gotten this morning about the Elmo TMX (Tickle Me Extreme), which is the special edition of the Elmo TMF (Tickle Me Fancy). This edition, as you might have read about in the news paper, was designed in black-ops secrecy in hopes of creating a sensation before it was even on the market. Now, this man made me think of Elmo, he was also red haired and did’t look like he was all too bright, so I figured they may have used him in focus groups during the development of this new bear. Expecting the same open friendly and somewhat foolish smile when I gently tapped him on the shoulder, I was unpleasantly surprised of his reaction…that of a heary body turning in slow motion looking at me with a pair of eyes that made me wish for all the kids in North America that this man has not been part of these focus groups. A bear that after you squeeze his shoulder angrily opens his eyes and says in the coldest of voices ‘Touch me again and you’re dead!’ would be one sick bear, even though it would definitely explain the X in extreme. Anyway, this man clearly wouldn’t HELP! me so I asked the same question to the man in uniform behind him and he tells me very warmly that I’m completely wrong here. Finally I find the bus and the motel, I pick up my bicycle and take the ferry back to Manhattan and not much later I’m cycling through the porch of the Chelsea International Hostel. I take my belongings to my room and proceed with my stroll through the city like a regular New Yorker without any sense of direction. Because it didn’t matter if I was walking in the right or wrong direction, the feeling of walking here like I needed to be here was wonderfull, even if that meant a lot of wasted steps along the pavement of Manhattan.

A few hours later when it was dark I suddenly found myself in front of the Empire State Building and I read in the Lonely Planet that you could visit the observatory at night as well. Visiting the ESB at night seemed to me even more beautiful than by day so I decided to get in and buy a ticket to the platform on the 86th floor to enjoy the marvelous blinking lights of this city in the dark.

I guess the pictures speak for themselves when I say it was indeed very beautiful. After one more late night coffee at Starbucks and a few beers back at the hostel with a small group of fellow travellers I felt I was getting a bit weary. I decided it was time to go look for my bed and prepare for my first bike ride the next day.



15-09-06 New York: The first two days
september 19, 2006, 5:24 PM'
Ingedeeld onder: __English

My plan to write my first journal entry from a very special place, the observatory of the Empire State Building at three hundred meters above the ground, has been hindered by rainfall. In fact, it has been raining ever since I woke up after my first night in Jersey city on the opposite site of the Hudson river. Now, I can see that it would be very special to write this first entry on a place where rain is actually made, but that romantic idea wains a bit when you notice your little computer breaking down because of the water. So, now I’m in one of the gazillion Starbucks café’s in New York City drinking coffee from a big plastic cup in an enormous comfy chair (expecting no Spanish inquisition) with my back to the window and the zooming traffic on 3rd Avenue behind me. Bob Marley is quietly raggea’ing a tune that I don’t know, but all tunes from Bob Marley are ‘relaxed mán’ so that is not a problem. Actually, the atmosphere of this place is just right to give you an idea of how I’ve experience the last two days.

Let me start with the morning of my departure. That night, I had only slept for two hours. All night I had been as tight as a spring. And the day before that was no different. Also at the airport I was feeling quite tense, which should not be confused with sharp or alert, because I wasn’t sharp or alert. Even after I had said goodbye to my girlfriend, family and friends and sat in the chair of the plain, I still didn’t really realise that my trip by know has really begun. That feeling grew a bit stronger when I landed at JFK airport. The first foot on American soil and in the year to come there will be no way back. I did not have much time to let this feeling sink into me though since I had to go and look for a campground that I had spotted on the internet. I had no idea how long it was going to take me to get to the campground on the opposite site of the Hudson, and I thought it would be nice to have found about it when it was still daylight. 

Chris Meets West, the name of my website is a reference to how the first Americans made their way west little by litte, but also to how Columbus set for the west when he was coming from Europe to find the new continent. My trip, albeit of a different order is also a sort of exploration. And my first experience with the habitants of the United States provided me with a reaction that I suppose was similar to that of the indians meeting Columbus for the first time….that of astonishment. I thought that the New Yorkers knew a thing or two about weirdness, but when they saw me entering the subway with my bike, the eyes of every passenger  in the carriage grew as big as saucers, just like those of the indians seeing the schooner of Columbus hitting land for the first time.

After I’d stepped out and started searching fo a way to cross the Hudson, I noticed it was already getting dark. Only then I realised that New York is as close to the equator as Madrid and that at that latitude the sun sets earlier this time of year. I guess I could forget about getting to the camping by daylight. Biking alongside the water I noticed a ferry that could take me to opposite side of the river. Instead of cycling on until I would get to a bridge I could cross by bike, a boat trip over the Hudson river seemed a nice first attraction so I decided to buy the ticket. This proved to be a very good choice, because the view on the skyline of  New York grew bigger and bigger the farther we got away from the shore and finally grew out to be just amazing. And I guess that from a bridge it would have been from an angle, so it wouldn’t have been quite the same. Some of my friends know that I think the skyline of Rotterdam is the most beautiful in the world, but of course that is just because of a lack of reference. The skyline of New York is like the skyline of Rotterdam atop of the skyline of Rotterdam atop of the skyline of Rotterdam atop of the skyline of Rotterdam.

 It was no surprise to notice that the houses on the other side of the Hudson were luxury appartments, at least judging from the lobby I could see from the ground. These appartments are built upon a huge bump I had to climb first, with an inclination of around 30%, maybe even more. At a certain point I even had to step of, because there was just no way to get the peddles around anymore. From here, my campground laid about 4 kilometers land inwards, at sea level. The first serieus break test followed during a decent of the same degree and the fact that I could make my bike break as much as I would like to made me consider this a succesful experiment. Searching for the campground however, could not be considered a success, since it I couldn’t find it at the supposed spot. The train station that had been built there instead, about two years ago, will probably make quite a few people happy, but not me. By now it’s really dark and during my search for the campground I had no eye for the surrounding area, but now the shells are falling from my eyes, I do notice. Everything around me looked like it hadn’t been in one piece for years and what wasn’t broken was barren. Not that I felt unsafe, I  saw no suspicious characters, I felt no guns aimed at my head, no it mostly felt empty around here. But I did not have a long time to taste the atmoshpere here, the longer I wouldn’t find a place to stay the night, the bigger the chance that this was going to be the place to stay the night, a thought I didn’t really want to enter my head right now. 

Luckily I found a motel a few blocks further up. After I paid and opened the door to my room with the keys the owner just gave to me,  a smell entered my nose that immeadiately made me do a step back. It was the smell of cleaner fluid, but I suspect that this room was cleaned with undiluted cleaner fluid. And why does this cleaner fluid smell like a chemical experiment with chlorine, menthol, pineapple and sweat socks that went horribly wrong? Could it be to maskerade the smell of the last tennant who had been found three weeks after he had smashed his head on the faucet after an unlucky fall on the floor with tiles more slippery than a Teflon pan coated with butter? Maybe so. In any case the smell of this cleaner fluid was so strong that the airco that was supposed to freshen the air inside with the outside air did not get the smell out, even after it was on for two hours. And because I felt the noise of the airco was even more annoying then the smell of that Tjernobyl aroma I decided to turn off the machine. At this moment I was exhausted anyway. I even only noticed the fly that landed upon or around my nose every ten seconds for about five times. A sound sleep followed.



15-09-06 New York: De eerste twee dagen
september 18, 2006, 8:33 PM'
Ingedeeld onder: __Nederlands

Mijn plan om mijn eerste reisverslag te schrijven vanaf een heel bijzondere plek, het uitzichtplatform van de Empire State Building driehonderd meter boven de grond , is tegengehouden door regen. Het heeft hier eigenlijk alleen maar geregend vanaf het moment dat ik wakker werd na mijn eerste nacht in Jersey city, de stad aan de andere oever van de Hudson river. Nu kan ik best zien dat het heel bijzonder zou zijn dit stukje te schrijven op een plaats waar de regen zo ongeveer wordt aangemaakt, maar het romantische gaat er wel een beetje vanaf als je merkt dat je zakcomputertje langzaam tenonder gaat aan waterschade. Dus zit ik nu in een van de gazillion Starbucks cafe’s in3rd Avenue New York een enorme plastic beker koffie weg te sippen in een hele grote relaxte stoel met mijn rug naar het raam en het voorbij zoevende verkeer over 3rd Avenue achter mij. Bob Marley raggead rustig een deuntje dat ik niet ken, maar alle deuntjes van Bob Marley zijn ‘relaxt mán’ dus dat is geen probleem. Eigenlijk is de atmosfeer hierbinnen precies goed om jullie een idee te geven hoe ik de afgelopen twee dagen heb beleefd.

Laat ik beginnen bij de ochtend van mijn vertrek. Ik had maar een uur of twee geslapen. De hele nacht was ik zo gespannen als een veer. De dag daarvoor ook trouwens. En ook op het vliegveld was ik gespannen, wat niet moet worden verward met scherp of helder, want dat was ik niet. Zelfs nadat ik afscheid genomen had van mijn vriendin, familie en vrienden en in het vliegtuig zat, was het nog steeds niet tot mij doorgedrongen dat mijn reis nu toch echt begonnen was. Het gevoel op reis te zijn werd pas een beetje sterker ‘when I touched the ground at JFK’. De eerste voet op Amerikaanse aarde en voorlopig geen weg terug. Veel tijd om dit gevoel te laten bezinken had ik echter niet, want ik moest direct op zoek naar de camping die ik op internet had gevonden. Ik had namelijk geen idee hoe lang het zou duren voor ik de camping, tegenover Manhatten aan de andere kant van de Hudson River, gevonden had en het leek me wel zo prettig de camping te vinden bij daglicht.

 

Chris Meets West, de naam van mijn website is een verwijzing naar hoe de eerste Amerikanen stukje bij beetje westwaarts het land introkken, maar ook naar hoe Columbus vanuit Europa westwaarts naar Amerika trok en daar het nieuwe continent ontdekte. Mijn reis, hoewel van een andere orde is ook een ontdekkingsreis. En mijn eerste ervaring met de inwoners van de Verenigde Staten leverde een reactie op zoals ik mij voorstel hoe de eerste reactie was van indianen toen ze Columbus voor het eerst ontmoeten. . .die van totale verbazing op het gezicht. Ik dacht toch dat de New Yorkers wel wat gewend waren, maar toen ze mij met mijn fiets de metro in zagen stappen werden alle ogen in de coupe net zo groot van verbazing als die van de indianen toen ze de enorme schoener van Columbus dichterbij zagen komen.

Nadat ik uit was gestapt en op zoek ging naar een manier de Hudson River over te steken zag ik dat het al donker begon te worden. Toen bedacht ik mij dat New York ongeveer even dicht bij de evenaar ligt als Madrid en dat het daar rond dit tijdstip van het jaar vroeger donker dan in Nederland. Ik kon een aankomt bij de camping bij daglicht vergeten. Langs het water fietsend zag ik op een gegeven moment een veerboot liggen waarmee de oversteek naar de overkant kon worden gemaakt. Een boottocht over de Hudson op mijn eerste dag leek mij een goede attractie dus ik besloot een kaartje te kopen. Dit bleek een ingeving om te zegenen, want het uitzicht op de skyline dat tijdens de oversteek steeds ruimtelijker werd was werkelijk overweldigend. Veel mensen weten dat ik de skyline Rotterdam vlakbij mijn huis de mooiste vind, maar dat was natuurlijk bij gebrek aan referentie. De skyline van New York is namelijk de skyline van Rotterdam bovenop de skyline van Rotterdam bovenop de Skyline van Rotterdam bovenop de skyline van Rotterdam.

 

Het was dan ook geen verrassing dat de huizen aan de overkant van de Hudson, in Jersey city, hele luxe appartementen waren, wat ik tenminste kon opmaken van de lobby’s op de begane grond. Deze appartementen zijn gebouwd op een enorme bult die ik eerst moest beklimmen, met een stijgingspercentage van ongeveer 30%, misschien zelfs meer. Ik moest op een gegeven moment zelfs afstappen, omdat ik het niet aangetrapt kreeg. Mijn camping lag hiervandaan nog ongeveer 4 kilometer landinwaarts, op zeeniveau. De eerste serieuze remblokken test volgde tijdens een afdaling van hetzelfde percentage en omdat ik mijn fiets nog wel kon laten afremmen zoveel als ik wilde beschouwde ik de test als geslaagd. Het zoeken naar de camping kon ik helaas niet als geslaagd beschouwen. De camping bleek namelijk niet aanwezig op de verwachte plaats. Het treinstation dat er twee jaar geleden voor op de plaats was gekomen maakt vast heel veel mensen gelukkig, mij niet. Het is nu echt donker en tijdens het zoeken naar een camping had ik geen oog voor de omgeving, maar toen mijn oogkleppen afvielen zag ik pas in welke buurt ik was. Alles om mij heen was ongetwijfeld al jaren niet meer heel en wat niet stuk was was kaal. Niet dat ik mij onveilig voelde,ik zag nergens ongure types en voelde geen lopen op mij gericht, nee, het voelde hier vooral leeg. Maar veel tijd om de sfeer te proeven gaf ik mezelf niet. Hoe langer ik geen plaats om te overnachten zou vinden, hoe groter de kans dat dit de plek zou zijn waar ik zou moeten overnachten, een gedachte die ik geen moment echt mijn hoofd wilde laten binnen dringen.

 

Gelukkig vond ik vlak in de buurt een klein motel. Nadat ik had betaald en mijn kamer openmaakte met de zojuist gekregen sleutel kwam mij als eerste een lucht tegemoet waardoor ik direct weer even een stap achteruit deed. Het was de geur van schoonmaakmiddel, maar ik vermoed dat deze kamer was schoongemaakt met onverdund schoonmaakmiddel. En waarom ruikt dit schoonmaakmiddel naar een mislukt chemisch experiment met chloor, menthol, ananasaroma en zweetvoeten? Zou het zijn omdat de geur te maskeren van de vorige huurder die na drie weken is gevonden met zijn hoofd tegen de douchekraan na een ongelukkige struikeling in de badkamer, waarvan de tegels gladder zijn dan een met boter ingevette Tefal pan? Misschien. In ieder geval was de geur van dit schoonmaakmiddel zo sterk dat de airco die de kamer van binnen moest verfrissen met verse buitenlucht de lucht na twee uur verfrissen niet weg kreeg. En omdat ik het geluid van de airco nog irritanter vond dan de geur van het Tjernobylaroma besloot ik het apparaat maar uit te zetten. Ik was op dit moment trouwens zo moe dat ik de vlieg die om de tien seconden op en rond mijn neus land maar een keer of vijf bewust heb opgemerkt. Een diepe slaap volgde.